zelfreflecterendZELFREFLECTEREND leren

In het leerproces stimuleren we de leerling om te reflecteren wie hij is, wat hem motiveert, wat hem gemakkelijk afgaat en waar nog uitdagingen liggen. Op die manier leert de leerling zijn leerproces te evalueren, bij te sturen en positieve studiekeuzes te maken.

 

 

De leerkrachten voorzien opdrachten die opgebouwd zijn vanuit criteria die zelfreflectie stimuleren.

  • De leerling kent vooraf gekende reflectiecriteria voor de opdracht.
  • De leerling krijgt binnen de opdrachten ruimte om te reflecteren.

Medeverantwoordelijk voor de evaluatie

  • De leerling kent de evaluatiecriteria van opdrachten.
  • De leerling bepaalt mee de evaluatiecriteria.
  • De leerling past de evaluatiecriteria toe en doet aan zelfreflectie.

De leerlingen passen verschillende evaluatievormen toe

  • De leerling doet aan zelfevaluatie (leerlingen staan stil bij hun werking).
  • De leerling doet aan peerevaluatie (leerlingen geven elkaar feedback).
  • De leerling doet aan groepsevaluatie (leerlingen staan stil bij hun werken in groep).
rapport

De leerlingen “noteren” op hun rapport wat ze zelf vinden van hun resultaten en de commentaar van de leerkrachten. Zij bespreken dit met de leerkracht tijdens een individueel kindgesprek alvorens het rapport mee gaat naar de ouders. (fragment uit rapport zesde leerjaar)